Om dit toponiem op de grens van Breugel en Gerwen te lokaliseren kostte enige tijd moeite maar uiteindelijk is het toch gelukt. Het toponiem komt redelijk vaak voor in de archieven, maar wordt nooit aangegeven op een kaart.

De naam ‘eeuwsel’ komt vaak voor in Noord-Brabant en kan worden samengevat als een zomerweide. Ze lagen vaak in beekdalen en waren iets hoger gelegen dan de beemden zelf. De beemden werden vooral gebruikt als hooiland. Eeuwsels waren vaak van iets minder goede bodemkwaliteit om te hooien, vaak door de wat hogere ligging waren ze iets te droog. Echter waren ze ook weer iets te nat om er goede akkergronden van te maken. Daarom werden ze vaak gebruikt in de zomer om vee te laten grazen.

Het toponiem wordt niet veel meer gebruikt, wellicht de bekendste naam in de onze omgeving zijn de Ruweeuwsels in het westelijk buitengebied van Lieshout.

Het verpondingsboek van Nuenen-Gerwen uit 1769 laat verschillende malen percelen zien met de naam ‘Hoogeeuwsel’. Hieronder een voorbeeld ‘Groese genaamd half hoog eeuwsel’. Eigenares was de weduwe van Hendrik Dirks van der Aalst. Zij was aan het eind van de 18e eeuw eigenares van 4 boerderijen in Stad van Gerwen. In de 18e eeuw werd dit gehucht nog ‘de Stad’ genoemd. Later in de 19e en 20e eeuw wordt vaker gebruikt ‘Stad van Gerwen’. Als toponiem wordt ook genoemd ‘de Driessen’. De Stadse Driessen is nu ook nog een weidegebeid met die naam.

Verpondingsboek Nuenen-Gerwen 1769

De actuele hoogtekaart laat een gebied zien ten westen van het gehucht Stad van Gerwen. Hierop is duidelijk een verhoging merkbaar in het beekdal ten westen van het gehucht, iets onder het Wilhelminakanaal.
Deze locatie voldoet prima aan de eisen om in aanmerking te komen voor de kwalificatie van ‘de Hoogeeuwsels’.

Bron: Actueel Hoogtebestand Nederland (AHN)

Als tweede bewijs is een cijnspost gevonden van de Heer van Helmond waar het toponiem in voorkomt. Een grondcijns is een soort belasting die ieder jaar diende te worden betaald. In dit geval was Martinus Jan Aarts vanaf 1815 verplicht deze te betalen. Hij was de laatste betaler, want hierna werd deze belasting afgeschaft. Hij woonde in de boerderij die later werd bewoond door An Cuijpers en is afgebrand.
‘Uit een stuk groes en land genaamd de Hoog Eeuwsels groot omtrent 4 lopens..gelegen aan de loop’.

Met ‘de loop’ zal het beekje worden bedoeld die stroomt vanaf de Nieuwe Dijk richting het kanaal. Voor de aanleg van het kanaal stroomde deze beek verder richting Breugel en werd de Breugelsche Beek. De verhoging in het landschap grenst aan dat beekje, dus dit voldoet ook aan de beschrijving van de Hoogeeuwsels.

Tevens is ook gelijk de ouderdom dan bekend van de Hoogeeuwsels omdat alle vermeldingen in het cijnsboek van de Heer van Helmond te dateren zijn tussen 1190 en 1314. In deze periode is dit land ontgonnen en verkaveld aan particulieren. Daarvoor was het eigendom van de Hertog van Brabant.

Middelstraat
De Hoogeeuwsels ligt nu aan een zandpad dat Nederwetten, Heerendonk en Stad van Gerwen aan elkaar verbindt. In eerdere eeuwen werd dit pad ook wel de Middelstraat genoemd. Het zou goed mogelijk kunnen zijn dat dit pad de originele verbindingsweg was in de middeleeuwen tussen Hooidonk en Lieshout. Wellicht was dit de voorganger van de ‘Nieuwe Dijk’? Door de aanleg van het kanaal werd deze weg doorsneden. Het stukje boven boven het kanaal ligt er daarom wat verloren bij, maar was vroeger dus onderdeel van een langere weg. Meer hierover in een later artikel.

In ieder geval is het een hele oude weg, omdat deze ligt op de gemeentegrens tussen Son en Breugel en Nuenen CA. Gemeentegrenzen werden het liefst gelegd op rivieren, beken en wegen omdat iedereen deze kende en niet zomaar verschoven konden worden. Het is dus aannemelijk dat deze gemeentegrens en weg al zeer lang bestaan, mogelijk al vanaf het ontstaan van de gemeenten.

Overzichtskaartje anno 2026
Hoogeeuwsels vandaag de dag

—-

Frank Raaijmakers

Bronnen:
– Van den Aabeemd tot de Zwijnsput – Henk Beijers
– Verpondingsboek Nuenen-Gerwen 1769
– Actueel Hoogtebestand Nederland (AHN)
– Cijnsboek Heer van Helmond invnr. 323