Met de aanleg van industrieterrein Ekkersrijt kwam een einde aan een oude cultuurgebied met een eeuwenlange historie. Gehuchten zoals Heuvel, Ekkersrijt, Kemenade en Hoeve verdwenen van de kaart. Dit artikel zal een bewoningsgeschiedenis behandelen van een boerderij in het gehucht Hoeve. Deze had de naam Berckhoef, en in eerdere eeuwen genaamd Onstaden. Niet te verwarren met Onstaden of Berkehoef, beide gelegen aan de Vresselseweg te Nijnsel. De hoeve is goed omschreven in de archieven, en zelfs zijn er nog enkele restanten vandaag de dag te herkennen bij de locatie.
Het gehucht Hoeve lag op de plek waar nu het Science Park gevestigd is in Son en Breugel. Net ten noorden van de huidige snelweg (A50), waar nu (2026) o.a. gevestigd zijn Omroep Brabant, Neways en Prodrive. Op de kaart hieronder een vergelijking tussen de situatie in jaren ’70 en 2026. De snelweg op de oude kaart is al ingetekend.

Alle gebouwen en velden van het gehucht Hoeve zijn verdwenen, terwijl in het naburige Aanschot nog wel enkele boerdeijen bewaard zijn gebleven.
Wat nog wel herkenbaar is een oude weg en een perkje in het Science Park wat nooit bebouwd is geweest.
De kadasterkaart van 1832 geeft een goed beeld waar de boerderijen stonden, en de meeste boerenerven op deze kaart lagen er dikwijls ook al in eerdere eeuwen. De boerderijen in het gehucht Hoeve stonden wel iets meer uit elkaar dan de boerderijen in andere gehuchten zoals Ekkersrijt en Heuvel.
Op onderstaande kaart is de situatie te zien in 1832.

Eigenaren in de middeleeuwen
De naam Onstaden komt als eerste voor in 1381, in het cijnsregister van de heer van Helmond. Dit wil zeggen dat de eigenaar een jaarlijkse cijns (soort grondbelasting) moest betalen. Deze voormalige woeste gronden zijn uitgegeven door de Hertog van Brabant tussen 1190 en 1314 aan particulieren.
De betaler in 1381 heette Johannes de Dordraco (Jan van Dordrecht). En hij moest 7 schellingen betalen voor het goed Onstaden (1). Deze gronden zijn ergens in de 13 eeuw door de voorgangers van Jan van Dordrecht in cultuur gebracht en toegevoegd aan een al bestaand bezit. De plek van dit laatstgenoemde originele bestaande bezit is moeilijk te achterhalen.
Jan van Dordrecht was schepen van de stad Den Bosch in de periode 1374-1410. Hij maakte deel uit van de Bosche stedelijke aristocratie met veel macht in de stad en op het platteland, de Meierij. Naast handel en onroerend goed in de stad, hadden deze rijke families ook veel bezit op het platteland, wat zorgden voor een stabiel inkomen. In de 16e eeuw was zelfs naar schatting een derde van alle landbouwgronden en bedrijven in bezit van stedelingen zoals Van Dordrecht (9).
Grondcijnsen werden berekend voor een vast bedrag per opppervlakte. Omgerekend zijn 7 schellingen dan circa 12 hectare grond. Dit is een grote hoeveelheid voor die tijd. Vaak werden grondcijnsen berekend over percelen die niet altijd direct naast elkaar hoefden te liggen. In het geval van het goed Onstaden is dit echter wel het geval, en is het een aaneengesloten gebied. Hierover later meer in dit artikel. Het is niet te bewijzen via de archieven dat er in 1381 al een boerderij stond op het goed Onstaden, maar dit is wel zeer aannemelijk.
Eind 14e eeuw wordt Onstaden verkocht aan Jacobus Sparre in verschillende delen (2). Hij kocht het goed van Elizabeth, dochter van Andreas Verkenman. Deze Andreas had de bezittingen eerder in pacht gekregen van Jan van Dordrecht, en later overgegeven aan zijn dochter Elizabeth. Andreas Verkenman zal dus aan het eind van de 14e eeuw op Onstaden gewoond hebben via een pacht constructie waarvan Jan van Dordrecht de eigenaar was.
In de koopakte van Jacobus Sparre wordt ook een mooie omschrijving gegeven van de locatie van Onstaden:
Tussen de kinderen van Henricus van Onstaden enerzijds en het erfgoed genaamd die Straet Beemt anderzijds, met een eind strekkend aan de gemeint van Son en met het andere eind aan de plaats genaamd aen Sterbeke.


Een akte uit 1406 laat ook nog zien dat Jacobus Sparre wel het bezit had van Onstaden, maar er nog wel een erfpacht rustte op deze bezittingen (3). 2 mud rogge moest ieder jaar door hem geleverd worden aan Heijlwigis de dochter van Hadewigis. Waarschijnlijk is Heijlwigis een erfgenaam van de familie Verkenman die Onstaden verkocht aan Jacobus Sparre.
In 1421 blijkt Jacobus Sparre al overleden want zijn vrouw en kinderen worden nu aangegeven als eigenaar. Iets later wordt één van die kinderen, ook genaamd Jacobus, eigenaar van Onstaden. Zodra hij overlijdt worden zijn 6 kinderen eigenaar. De familie Sparre blijft zo tot ongeveer 1450 eigenaar (4).
Na 1450 is er een nieuwe eigenaar genaamd Wilhelmus van Gerwanden. Vermoedelijk is dit een oude schrijfwijze van de naam ‘van Gerwen’.
Naast Onstaden wordt het bezit ‘Emmenhof’ ook genoemd als eigendom van de familie van Gerwanden. Dit goed werd overgenomen van Jan van Rijsingen in 1454, maar de locatie van de Emmenhof is onbekend.
Na 1500
In de 16e eeuw blijft het bezit bij de nazaten van Wilhelmus van Gerwanden. Rond 1600 ongeveer komt Onstaden in de handen van de familie Tielman (andere schrijwijze o.a Tielemans en Tielleman (5).
Ergens tussen 1634 en 1676 komt Tielman in de problemen met zijn schulden. Kennelijk had hij een schuld openstaan bij de familie van Grevenbroeck, want Onstaden wordt overgenomen door evictie door Barbara van Grevenbroeck. Een evictie is een feite een juridische procedure waarbij de wanbetaler werd gedwongen zijn eigendom af te staan aan een schuldeiser.
Het begin van de 17e eeuw was een roerige tijd voor Oost-Brabant met rondtrekkende legers en bendes die veel ellende bezorgden voor de lokale bevolking. Mogelijk is dit een verklaring voor de schuld van Tielman die hij kennelijk niet meer kon betalen.
Barbara van Grevenbroeck was lid van de adelijke familie van Grevenbroeck uit Mierlo. Iets voor 1676 komt Onstaden in bezit van Adriana Geertruyt van Dorne. Zij was de vrouw van heer Walraven van Erp. De familie van Dorne of van Deurne was een machtig geslacht welke nauwe banden had met de familie van Grevenbroeck uit Mierlo. Waarschijnlijk waren Adriana en Barbara dan ook familie van elkaar.
Wat in ieder geval duidelijk is, is dat Onstaden een particuliere pachthoeve is die constant in het bezit is van adelijke families. Het is dus een inkomstenbron.
Aan het einde van de 17e eeuw komt Onstaden in handen van de heer Jan Gerard de Vriese tot den Wesenberg. Het blijft dus in bezit van rijke families. Rond die tijd is ook een pachter bekend namelijk Jan Schepers. Hij zal dus op de boerderij gewoond hebben (6).
In 1752 komt Onstaden door erving in handen van Maria Anna de Breff, de weduwe van heer Joost Balthasar van Grootenhuise. De families de Breff en van Grotenhuis waren rijke families afkomstig uit Gelderland en Overijssel. Ze woonden in het kasteel ‘Huis Sterkenberg’ te Wamel , Gelderland (7).

Einde tijdperk van de adel in 1768
In 1768 komt er een einde aan het adelijke bezit van Onstaden. De kinderen van Maria Anna de Breff en Joost Balthasar van Grotenhuis verkopen het goed aan Hendrik van de Ven. In de verkoopakte wordt melding gemaakt van de ‘Berckhoef’. Onduidelijk is wanneer deze naam is ontstaan maar dat zal vermoedelijk ergens in de 18e eeuw geweest zijn. De naam Onstaden verdwijnt dan langzaam aan.
De verkoopakte uit 1768 luidt:
Een hoeve bestaande in:huijs, stallinge, schuur, karhuijs, schop en daar aangelegen bakhuijs. Zowel teulland, weijde als heijlanden met houtwas en voorpotinge langs de straat. Alle van den anderen met een sloot omgraven. Ten oosten gelegen de Canisgraaf, ten westen gelegen de gemene straat of heijde. (8)
Het koopbedrag was 3310 gulden. De oppervlakte van de landerijen was omgerekend circa 20 hectare. Dit is veel groter dan de 12 hectare uit de cijnspost uit de 14e eeuw. Dit is volkomen logisch omdat er in de loop der eeuwen steeds meer grond werd ontgonnen. Wellicht is er ook nog grond bijgekocht.
In ieder geval lijkt de omschrijving van het goed uit 1768 (ten oosten gelegen de Canisgraaf, ten westen gelegen de gemene straat of heijde) en eind 14 eeuw (met een eind strekkend aan de gemeint van Son en met het andere eind aan de plaats genaamd aen Sterbeke) overeen te komen. De Sterbeke is van naam veranderd naar Canisgraaf (thans Grote Beek).
Rond die tijd is er ook de eerste informatie bekend van het boerderijgebouw zelf. Onderstaande foto uit de jaren 1960 laat namelijk de ingemetselde muurankers zien ‘1781’. Dit wijst erop dat in dit jaartal de boerderij is gebouwd of verbouwd. Meestal ging het om een grote verbouwing waar bijvoorbeeld een gevel werd vervangen of de boerderij werd versteend met bakstenen.
Aangenomen wordt dat de originele middeleeuwse boerderij van Onstaden oorspronkelijk iets ten noordoosten stond op zeer korte afstand (11). Ergens in de 18e eeuw zou deze afgebroken zijn en daarnaast zou een nieuwe boerderij zijn gebouwd genaamd de Berckhoef.

In 1785 lijkt het erop alsof Hendrik van de Ven al is overleden want de weduwe Hendrik van de Ven staat geregisteerd als eigenares van gronden op het gehucht Hoeve te Son. Het lijkt er ook op dat de erfenis van Hendrik van de Ven is gedeeld t.b.v. zijn vrouw en Jan H. van de Ven. Onduidelijk is of laatsgenoemde een zoon, broer of ander familielid is.
De Berckhoef blijft in het bezit van de familie van de Ven tot 1816. In dat jaar wordt het goed gekocht door Arnoldus van den Hurk. Een jaar later in 1817 overlijdt hij al in de leeftijd van 75 jaar. In zijn overlijdensakte staat dat hij woonachtig was in het gehuch Aanschot. De Berckhoef werd dus bewoond op dat moment waarschijnlijk door een familielid, zijn zoon Arnoldus van den Hurk die niet zo heel erg oud wordt (1770-1818) (10).
Vanaf 1832
In 1832 vermeldt het kadaster dat de eigenaar is de weduwe van Arnoldus van den Hurk. Het gaat dan waarschijnlijk om Johanna van den Oever (10).

Om de geschiedenis na 1832 te beschijven kan worden gekeken naar gegevens uit het Kadaster en de bevolkingsarchieven van Son en Breugel.
Vanaf 1850 staat als bewoner eigenaar aangegeven Arnoldus van den Hurk (1813). Hij is een zoon Arnoldus van den Hurk (1770) en Johanna van den Oever (1774). En kleinzoon van Arnoldus van den Hurk die de Berckhoef in 1816 aankocht. Samen met Hendrina van de Ven hadden ze 5 kinderen. Waarschijnlijk woonden zij hier al voor 1850. Ze overleden in respectiefelijk 1888 en 1880. Hun zoon Cornelis (1858) staat geregistreerd als bewoner in 1890 en ook als eigenaar in het kadaster. In 1900 woonde hij hier nog steeds met zijn broer Jan, zoon Leo en dochter Arnolda. De Berckhoef bestaat uit een huis, 2 stallen, schuur, bakhuis, tuin, boomgaard en weiland.
In 1929 komt er een einde aan het tijdperk van den Hurk want Hendrik Bekx uit de Driehoek wordt de nieuwe eigenaar. Hij is de schoonzoon van Cornelis van de Hurk.
Jan Bekx (1924) neemt het stokje dan weer over, en de Berckhoef wordt dan geadresseerd als Hoeve 7.

Hoeve 8
Tegenover de Berckhoef (Hoeve 7) is er aan het eind van de 19e eeuw een nieuwe boerderij gebouwd. In 1873 zou deze boerderij gebouwd zijn en Cornelis van den Hurk staat geregistreerd als eigenaar. Onbekend was wie de eerste bewoners waren. De boerderij werd als laatst bewoond door de familie Egelmeers.

Sloop
De aanleg van het industrieterrein Ekkersrijt begon met het onteigenen en slopen van boerderijen en hun eeuwenoude landbouwgebieden. Zo ook met het gehucht Hoeve. In de jaren ’70 worden Hoeve 7 en 8 gesloopt en komt er een einde aan het middeleeuwse goed Onstaden.
Onderstaande foto laat de gesloopte Berkhoef zien vanuit de lucht. Rechtsboven waar de sloopresten te zien zijn stond de boerderij. De andere boerderij (gebouwd in 1873) is op deze foto nog niet gesloopt.

Vandaag de dag is er weinig meer te zien van het oude Onstaden. Het Science Park heeft het gehucht Hoeve volledig opgeslokt. Enkele oude bomen zijn eigenlijk nog het enige wat over is gebleven. Onderstaande foto geeft weer waar de boerderijen van Hoeve nummer 7 en 8 vroeger stonden.

Het enige overblijfsel wat terug te herleiden is, is de rij bomen die nog te zien is op het Science Park. De foto links is de Berckhoef in de jaren 1960, en de foto rechts hedendaags op dezelfde plek. De rij populieren zijn waarschijnlijk een herplanting van de bomen uit de jaren ’60.
Wellicht nog het enige wat een vage herinnering is aan het oude goed Onstaden.

—-
Frank Raaijmakers
Bronnen:
– (1) Cijnsboek Heer van Helmond invnr. 283
– (2) BP 1181 p 159r 02 za 31-08-1398 & BP 1181 p 314v 11 do 06-03-1399
– (3) BP 1184 f 352v 04 ma 14-06-1406
– (4) Cijnsboek Heer van Helmond invnr. 285
– (5) Cijnsboek Heer van Helmond invnr. 324
– (6) Cijnsboek Heer van Helmond invnr. 328
– (7) https://nl.wikipedia.org/wiki/Huis_Sterkenburg
– (8) RA 46 Register van Registratie van Buitenakten 1755-1789, folio 62v
– (9) Staatsvormend Geweld – Leo Adriaenssen
– (10) https://www.onderlingverbonden.nl/familychart.php?familyID=F1550772035&tree=T1
– (11) Geit Emmery
– Foto-collectie Erfgoedvereniging Son en Breugel
– Son en Breugel, vanouds een kruispunt van wegen, J. Coenen
– https://historischegeografiebrabant.nl
– Bossche encyclopedie
– Verpondingdboek Son 1785
– Son en Breugel ‘Vergane glorie’ – Ben van Oorschot
Met dank aan:
– Wil Schoenmakers
– Ludo Boeije
– Geit Emmery
Geef een reactie